Artikel PZC: Jan Brink verbaast zichzelf

Tags: 

SLUIS

Jan Brink stond gisteren na zijn finish op de vijf kilometer vrije slag in het kanaal Sluis-Brugge klappertandend op de kade. De Vlissinger sloeg in het historische centrum van vestingstadje Sluis snel een jas om zich heen. Hij oogde niet vermoeid, maar was nauwelijks in staat om een woord uit te brengen.

,,Het is koud. Weet je: ik ben een mooi-weerzwemmer", klonk het met trillende stem. Even later begon het besef bij hem door te dringen dat hij op 54-jarige leeftijd in het sterke deelnemersveld met nationale toppers een schitterende prestatie had geleverd.

Net als zaterdag, in de Braakmanrace over twee kilometer, eindigde de langebaanzwemmer uit Vlissingen als beste Zeeuw. Beide wedstrijden tellen mee voor het klassement van de Zeelandbeker, die Brink vorig jaar won. ,,Ik moet mijn titel verdedigen, hè."

De Braakmankreekrace werd na vijftien jaar stilte nieuw leven ingeblazen. Saillant detail: Jan Brink eindigde destijds ook als beste Zeeuw, maar had er geen herinneringen meer aan. Of de zwemmer van De Zeeuwse Kust aan zijn tweede jeugd is begonnen? ,,Ik heb er geen verklaring voor, maar ik zwem sneller dan vijftien jaar geleden."

Brink vindt het spijtig dat er weinig jonge Zeeuwse zwemmers kiezen voor de langebaanwedstrijden. Wellicht heeft het met trainingsarbeid te maken. Brink maakt dagelijks zijn zwemkilometers. ,,Ik train in Vlissingen in het kanaal, bij de plaats waar vroeger het oude zwembad was. In de wintermaanden train ik in het overdekte zwembad."

In de Braakman en in Sluis eindigde hij op de achtste plaats. Remco van Althuis won zaterdag overtuigend de Braakmankreekrace. In de 44ste editie van de langebaanwedstrijd in Sluis had de topzwemmer een straatlengte voorsprong op de concurrenten.

Op de 2500 meter schoolslag was Wietse Beerens ongenaakbaar. Diego de Meyer eindigde als eerste Zeeuw op een knappe tweede plaats, zo'n drie minuten achter de winnaar. De 21-jarige zwemmer uit Overslag koos voor een andere tactiek dan in de Braakman, waar hij zich forceerde om het moordende tempo van Beerens te volgen en terugviel naar de vierde plaats.

,,Ik ben nu in het begin in zijn spoor meegegaan. Ik heb Wietze eerder laten gaan, toen ik zag dat ik voldoende voorsprong had op de nummer drie. Uiteindelijk heb ik de tweede plaats in het restant van de race op mijn eigen tempo vast kunnen houden."